
Video • 43
NL
Digitale effecten
WAAR U OP MOET LETTEN
Programmakeuzeschakelaar:
: Alleen [ BLK&WHT-Z/W],
[SEPIA].
Opties
Standaardwaarde
OPMERKINGEN
• Als u een fader gebruikt, wordt deze niet
alleen toegepast op het beeld maar ook
op het geluid. Als u een effect gebruikt,
wordt het geluid normaal opgenomen.
• De camcorder onthoudt de laatst
gebruikte instelling ook als u de digitale
effecten uitschakelt of het
opnameprogramma wijzigt.
Instelling
[ D.EFFECT OFF/
D.EFFECT UIT]
Gewenste optie*
**
* U kunt op het scherm een voorbeeld van
het effect zien.
** Het pictogram van het geselecteerde effect
wordt weergegeven.
Faders en effecten toepassen
1 Indien de joystickaanduiding
niet op het scherm wordt
weergegeven, druk dan op
om deze op te roepen.
Indien niet op de
joystickaanduiding wordt
weergegeven, druk dan ( ) op de
joystick herhaaldelijk naar [NEXT/
VOLGND] om dit symbool op te
roepen.
2 Druk ( ) op de joystick naar .
• Het pictogram van het
geselecteerde effect wordt groen.
• Druk ( ) op de joystick opnieuw
naar om de fader of het effect te
deactiveren.
Druk ( ) op de joystick naar terwijl
de camcorder in de opnamepauzestand
( ) staat, en druk vervolgens op
om de opname te beginnen
met een fade.
( 20)
[ D.EFFECT OFF/D.EFFECT UIT]
Selecteer deze instelling als u geen gebruik wilt
maken van de digitale effecten.
[ FADE-T/FADE-START] (fade activeren),
[ WIPE/WEGVEGEN]
Selecteer een van de faders om met een fade
vanaf of naar een zwart scherm een scène te
beginnen of te beëindigen.
[ BLK&WHT-Z/W]
Maakt opnamen in zwart-wit.
[ SEPIA]
Maakt opnamen in sepiatonen om de scène er
“oud” te laten uitzien.
[ ART/KUNST], [ MOSAIC/MOZAÏEK]
Selecteer een van deze digitale effecten om uw
opnamen smaakvoller te maken.
FUNC.
(21)
INFADEN
FUNC.
FUNC.
NEXT
Start/Stop
Comentarios a estos manuales